Aan alle Zeuvenbultenaere,

In 1364 vierde ene Jan van Sevenberghe (nee, niet Jan I {Barel } of Jan II {Gommers}, maar de broer van de Heer van Sevenberghe, Hugeman II ) reeds op het kasteel aan de Kasteelweg met zijn gasten “De Kleine Vastenavond”.
In de tweede helft van de zestiende eeuw had de Zevenbergse bevolking vakantie vanaf zondag voor Vastenavond tot vrijdag daarna, terwijl in die feestweek ook Vastenavond Zottenspelen werden opgevoerd.
Vast en zeker zal in de loop van de daarop volgende eeuwen in ons Zeuvebultelaand carnaval zijn gevierd, maar in de twintigste eeuw, om precies te zijn op 3 maart 1962, werd door collega Jan I een begin gemaakt met een openbare carnavalviering waarvan u en wij in 2011 het 50 jarig bestaan vieren. De invulling van de eerste elf jaar nam onze eerste Dorstlustige collega geheel voor eigen rekening en probeerde zijn generatie op een grootse en stijlvolle wijze het carnavalvieren bij te brengen. Wij, Jan II, regent Peer, Frans d’un Eerste, Wannes, Merein,
Nillis I, Enkie, Kobus en Driek als zijn opvolgers, stroomlijnden dat leutige gebeuren en brachten de volgende generatie en…….de grote overflow uit de randstad de juiste kneepjes van dat open, zotte en leutige feest bij. Collega Mies I  nam het op zich om dit geweldige  leutgebeuren naar de 21 ste eeuw te lichten waarna Peer I, Nillus II en Mark I (als inmiddels 13de leutvorst)  het gehele Zeuvebultelaand onder hun hoede namen en met hun Gevolg via het 4 x 11 jarig jubileum op gingen naar het 50- jarig bestaan van Carnaval in het Zeuvebultelaand.
Wij, als Dorstlustige Hoogheden, hebben gezien en meegemaakt hoe het Zeuvebultelaand is gegroeid.
Jammer, dat twee van ons (Wout Janssen als Wammus I en Cees Martens als Nillus I) het verdere beleven van deze groei niet meer konden en mogen meemaken; in 2002 is Wout n.l. op 60- jarige leeftijd overleden en Cees in 2005 op 52 jarige leeftijd !
Begonnen met de volwassenen en hun kinderen van toen, zien we nu die kinderen van toen met hun kinderen. Prins Jan I kan zelfs zeggen, dat hij in zijn tijd tijdens polonaises op de Markt nog de Prinsen Kobus, Driek en Mies als kind op zijn arm heeft rondgesjouwd.
We hebben velen voorbij zien komen en velen mogen ontmoeten; heel veel leutige Zeuvebultenaeren, zotten en zottinnekes maar ook diverse burgemeesters en andere bestuurderen, hoofden van scholen, directeuren, public relations mensen, journalisten en vele Prinsen uit de regio.
Er was een proces op gang gekomen waarbij het carnaval meer diepte kreeg. Naast het feesten, werd aan carnaval ook meer een historische, culturele, politieke en ideologische lading gegeven. Dit kwam nadrukkelijk tot uiting in b.v. de creaties en thema’s in de optochten, de inhoud van “De Bult” en in de onderscheidingen ’t Gouwe Knijn, ’t Gouwe Bultje en de Gouwe Bulte Ploeg.
Behalve deze kwalitatieve groei werken de carnavalsverenigingen en anderen aan de kwantitatieve groei van ’t Zeuvebultecarnaval; daartoe ook wel op een prettige manier mede gedwongen door de natuurlijke groei van de bevolking en de immigratie.
Tieners, als groep steeds duidelijk aanwezig in b.v. de sporthal, hebben een eigen plaats gekregen binnen het carnaval; ditzelfde geldt ook voor de senioren. Bedrijven en winkels zijn een of meerdere dagdelen gesloten terwijl tegenwoordig ook alle scholen tijdens het grote leutige feest potdicht zijn.
Wij , voormalige Dorstlustige hoogheden, hebben veel onderscheidingen uitgereikt en er ook velen mogen ontvangen. Op feiten van velerlei carnavalsaard hebben wij toasten uitgebracht en hebben daarbij veel zinnige en onzinnige woorden uitgesproken.
Veel en heel veel prettige herinneringen hebben we aan Zeuvebultecarnaval vanaf het jaar 1962. Tijdens onze “leutregeringen” waren wij steeds omringd door een perfect functionerend Gevolg in de vorm van Ereraad, Raad van Elf, Majorettes, Hofkapel en Stichtingsbestuur terwijl van gemeentewege en politie steeds alle medewerking en hulp is verleend.
Op een zonnige zondag in september 2010 waren wij als voormalige hoogheden een paar uurkes bijeen daar waar ’t ooit (in 1962) allemaal is begonnen (v.d. Hooft op de Markt) en kwamen tot de conclusie dat wij zonder grootspraak mogen zeggen, mee te hebben gewerkt aan de grondslag en opbouw van dat heerlijke en  ontspannen gebeuren wat Carnaval heet en we hebben er allemaal ontzettend veel prettige herinneringen aan overgehouden.
Wij wensen onze collega Prins Mark I hele leutige onderdanen toe,

het Loge van oud- Prinsen Carnaval,
Nillus II, Peer I, Mies I, Driek I, Nillus I, Kobus I, Enkie I, Merein I, Frans I, Jan II, regent Peer en Jan I
.